Beginpagina Informatie Wetenswaardigheden Informatie over de schaats
Informatie over de schaats PDF Print E-mail

Schaatsen

Tegenwoordig zijn er veel verschillende soorten schaatsen te koop. Bijvoorbeeld:

  • houten schaatsen
  • Easy-glider
  • lage noren

De eerste twee genoemde schaatsen zijn bedoeld voor de allerkleinsten.

Houten schaatsen

Met een houten schaats staan kinderen wat dichter bij het ijs. Het draagvlak van de schaats is wat dik, waardoor de schaats vrij stabiel is. Dit is praktisch om goed in evenwicht te blijven. Kinderen vallen bij het schaatsen veel. Vallen met houten schaatsen is veiliger dan met noren, omdat noren een langere, dunnere en vooral scherpere schaats hebben.

De houten schaats moet goed op maat zijn. Koop ze niet te groot, het beste is om de schoenmaat aan te houden. Zorg voor stevige schoenen, het liefst half hoge schoenen. Stel de riempjes goed af (hielleertjes en voetleertje) en controleer of de veters nog goed zijn. Zie voor het juist onderbinden van houten schaatsen de tekening.

Easy-glider

De Easy-glider is een soort houten schaats waar geen hout meer aan te pas komt. Het voetbed is gemaakt van kunststof en de veters zijn vervangen door twee kunststof sluitingen. De kunststof sluitingen zijn makkelijk, snel en beter vast te maken. Dit heeft het voor­deel dat de kinderen zelf snel hun schaatsen kunnen onderdoen.

Noren 

Als kinderen een beetje kunnen schaatsen, is overstap van houten schaatsen of Easy-glider naar de noor verantwoord. Tegenwoordig is er een overvloed van allerlei typen en soorten noren. Noren kunnen als volgt ingedeeld worden; lage noor, hoge noor, de klapschaats en hockey- of comfort- of combinoor.

De lage noor is laag omdat de afstand tussen het ijzer en de schoen kleiner is dan bij hoge noren. Kinderen die houten schaatsen zijn ontgroeid, is de lage noor aan te raden. De lage noor is zeer geschikt voor het rijden van toertochten. De hoge noor en de klapschaats zijn voor gevorderde schaatsers en voor wedstrijden.

De hockey- of comfort- of combinoor is geschikt voor mensen met zwakke enkels. Het is een noren onderschaats met een hoge kunststof schoen erop. De schoen geeft veel steun aan de enkel. Een nadeel is dat men niet "diep kan zitten" met deze schaatsen. Door de hoge schoen kan de enkel niet genoeg buigen. Het kiezen voor deze schaats kan in overleg met de trainer.

Schoenmaat

Om goed te kunnen schaatsen is een goede schoen nodig. Schoenen moeten niet op de groei gekocht worden. Als te grote schoe­nen worden gekocht, schaatst men minder lekker omdat de schoen geen eenheid vormt met de voet. Dikke sokken lossen dat probleem niet op. Met te dikke sokken schuiven voeten door de schoenen, waardoor blaren kunnen ontstaan. De veters moeten met te dikke sokken te strak worden aangetrokken, waardoor bloedvaten gedeeltelijk worden dichtgedrukt. Dit heeft weer koude voeten tot gevolg. Koop schaatsen van minstens dezelfde maat als de normale schoenmaat. Pas de schaatsen met normale sokken.

Onderhoud van schaatsen

Om zolang mogelijk plezier te hebben van schaatsen, is het belangrijk om ze goed te onderhouden.
Enige tips:

  • maak na het verlaten van het ijs de schaatsen goed droog met een goede vochtopnemende doek.
  • loop nooit met onbeschermde schaatsijzers over een harde ondergrond.
  • vervoer de schaatsen in badstof schaatshoezen of een badstof schaatszak.
  • bewaar schaatsen nooit in de schaatsbeschermers, van binnen kunnen deze nog niet helemaal droog zijn, waardoor roest kan optreden.
  • onderhoud het leer.
  • controleer regelmatig de scherpte en de ronding van de ijzers, slijp de schaatsen regelmatig. Gebruik een goede slijptafel.
  • controleer regelmatig de riempjes, veters en eventueel vetergaten.


Kleding

Kleding heeft bij het schaatsen twee functies. Kleding geeft bescherming tegen de kou en bescherming bij het vallen. Kleding moet lekker zitten, zodat het niet belemmert bij bewegingen. Kleding mag niet knellen, maar ook niet flapperen. Enkele dunne laagjes is beter dan één dikke laag. Bij het "laag over laag" aankleden, kun je als het warm wordt een laag uittrekken en als het koud wordt een laag extra aantrekken.

Een laag over laag systeem bestaat in ieder geval uit:

  • een ondergoedlaag, deze laag neemt zweet op en transporteert het naar de tweede kledinglaag,   zodat de schaatser zich warm blijft voelen, ook na het schaatsen.
  • een tweede kledinglaag, deze laag is ademend, warmte-isolering en zweet transporterend. Bijvoorbeeld een pulli, fleece-trui of sweater.
  • een buitenlaag, deze laag transporteert het zweet naar de buitenlucht, houdt vocht en wind van buitenaf tegen.  

Let op: Trek voor het schaatsen geen spijkerbroek aan. Deze broeken belemmeren in bewegen en als ze nat worden voelen ze ijskoud aan. Trek een schaatsmaillot of een trainingsbroek aan. Let er op dat de broek niet te wijd is, want dan kan er een schaats in blijven steken.  

De Vereniging Kennemer IJsbaan heeft een eigen kledinglijn ontwikkeld. Meer informatie kunt u krijgen bij het bestuur.
Clubleden kunnen deze kleding bestellen.

Tijdens de schaatslessen is het dragen van een muts en handschoenen verplicht!
Als het regent is het verstandig om behalve een regenjas ook droge kleding mee te nemen.

Laatst aangepast op donderdag, 15 januari 2009 22:55